Bedrijf verkopen met personeel – Rechten van werknemers

Een bedrijfsovername kan zeer vergaande gevolgen hebben voor de positie van werknemers. Vandaar dat de Europese wetgever een richtlijn (77/187/EEG) heeft vastgesteld die de rechten van werknemers bij een bedrijfsovername moet beschermen. In Nederland is deze richtlijn geïmplementeerd in de wet in artikelen 7:662 e.v. BW, Artikel 14a WCAO en artikel 2a WAVV. Onderaan dit bericht vindt u deze artikelen.

Juridische mogelijkheden voor een bedrijfsovername:

Een overname kan juridisch gezien op 3 manieren geschieden: middels een overname via een activa/passiva-transactie, een overname via een aandelentransactie of een fusie (juridische fusie, aandelenfusie of een bedrijfsfusie).

De criteria voor de overgang van een onderneming zijn te vinden in artikel 7:662 BW:

1. In afwijking van artikel 615 is deze afdeling ook van toepassing op de werknemer die arbeid verricht in een onderneming die in stand wordt gehouden door staat, provincie, gemeente, waterschap of enig ander publiekrechtelijk lichaam.

2. Voor de toepassing van deze afdeling wordt verstaan onder:

a. overgang: de overgang, ten gevolge van een overeenkomst, een fusie of een splitsing, van een economische eenheid die haar identiteit behoudt;

b. economische eenheid: een geheel van georganiseerde middelen, bestemd tot het ten uitvoer brengen van een al dan niet hoofdzakelijk economische activiteit.

3. Voor de toepassing van deze afdeling wordt een vestiging of een onderdeel van een onderneming of vestiging beschouwd als een onderneming.

De rechten van werknemers bij een bedrijfsovername via een activa/passiva-transactie

Wanneer bij een activa/passiva transactie sprake is van “de overgang van een onderneming” gaan alle werknemers mee naar de nieuwe rechtspersoon met alle rechten en plichten die ze bij de vervreemder hadden.

Werknemers lopen bij deze vorm van een bedrijfsovername het meeste risico. Indien immers niet voldaan wordt aan de criteria van een “overgang van een onderneming” gaan de werknemers niet van rechtswege over.

De rechten van werknemers bij een bedrijfsovername via een aandelentransactie.

Bij een overname via een aandelentransactie verandert er voor de werknemers niets. Deze hebben een arbeidsovereenkomst met de rechtspersoon. Een overname van deze rechtspersoon verandert niets aan de rechtsverhouding tussen deze rechtspersoon en haar werknemers.

De rechten van werknemers bij een bedrijfsovername via een fusie

Een juridische fusie houdt in dat bijvoorbeeld 2 rechtspersonen samengaan tot 1. Voor de werknemers van beide rechtspersonen verandert er niets. Alle rechten en plichten die zij hadden gaan over in de nieuwe rechtspersoon.

Relevante wetsartikelen:

Boek 7. Bijzondere overeenkomsten

Titel 10. Arbeidsovereenkomst

Afdeling 8. Rechten van de werknemer bij overgang van een onderneming

Artikel 662

1. In afwijking van artikel 615 is deze afdeling ook van toepassing op de werknemer die arbeid verricht in een onderneming die in stand wordt gehouden door staat, provincie, gemeente, waterschap of enig ander publiekrechtelijk lichaam.

2. Voor de toepassing van deze afdeling wordt verstaan onder:

a. overgang: de overgang, ten gevolge van een overeenkomst, een fusie of een splitsing, van een economische eenheid die haar identiteit behoudt;

b. economische eenheid: een geheel van georganiseerde middelen, bestemd tot het ten uitvoer brengen van een al dan niet hoofdzakelijk economische activiteit.

3. Voor de toepassing van deze afdeling wordt een vestiging of een onderdeel van een onderneming of vestiging beschouwd als een onderneming.

Artikel 663

Door de overgang van een onderneming gaan de rechten en verplichtingen die op dat tijdstip voor de werkgever in die onderneming voortvloeien uit een arbeidsovereenkomst tussen hem en een daar werkzame werknemer van rechtswege over op de verkrijger. Evenwel is die werkgever nog gedurende een jaar na de overgang naast de verkrijger hoofdelijk verbonden voor de nakoming van de verplichtingen uit de arbeidsovereenkomst, die zijn ontstaan vóór dat tijdstip.

Artikel 664

1. Artikel 663, eerste volzin, is niet van toepassing op rechten en verplichtingen van de werkgever die voortvloeien uit een pensioenovereenkomst als bedoeld in artikel 1 van de Pensioenwet indien:

a. de verkrijger aan de werknemer, bedoeld in artikel 663, een zelfde aanbod doet tot het sluiten van een pensioenovereenkomst, als hij reeds voor het tijdstip van overgang heeft gedaan aan zijn werknemers;

b. de verkrijger op grond van artikel 2 van de Wet verplichte deelneming in een bedrijfstakpensioenfonds 2000 , verplicht is deel te nemen in een bedrijfstakpensioenfonds en de werknemer, bedoeld in artikel 663, gaat deelnemen in dat fonds;

c. bij collectieve arbeidsovereenkomst of bij regeling door of namens een daartoe bevoegd bestuursorgaan is afgeweken van de pensioenovereenkomst, bedoeld in de aanhef.

2. Het eerste lid is niet van toepassing indien de werknemer, bedoeld in artikel 663, voor de overgang op grond van artikel 2 van de Wet verplichte deelneming in een bedrijfstakpensioenfonds 2000 , verplicht is deel te nemen in een bedrijfstakpensioenfonds en deze zelfde verplichting blijft gelden na de overgang.

3. Artikel 663, eerste volzin, is niet van toepassing op rechten en verplichtingen van de werkgever die voortvloeien uit een spaarregeling als bedoeld in artikel 3, eerste lid, van de Pensioen- en spaarfondsenwet zoals de Pensioen- en spaarfondsenwet luidde op de dag voorafgaand aan de inwerkingtreding van de Pensioenwet indien de verkrijger de werknemer, bedoeld in artikel 663, opneemt in de spaarregeling die reeds voor het tijdstip van overgang gold voor zijn werknemers.

Artikel 665

Indien de overgang van een onderneming een wijziging van de omstandigheden ten nadele van de werknemer tot gevolg heeft en de arbeidsovereenkomst deswege wordt ontbonden ingevolge artikel 685, geldt zij met het oog op de toepassing van lid 8 van dat artikel als ontbonden wegens een reden welke voor rekening van de werkgever komt.

Artikel 665a

Indien in een onderneming geen ondernemingsraad is ingesteld, noch een personeelsvertegenwoordiging is ingesteld krachtens artikel 35c, eerste lid, of artikel 35d, eerste lid, van de Wet op de ondernemingraden, stelt de werkgever de eigen werknemers die betrokken zijn bij de overgang van de onderneming tijdig in kennis van:

a) het voorgenomen besluit tot overgang;
b) de voorgenomen datum van de overgang;
c) de reden van de overgang;
d) de juridische, economische, en sociale gevolgen van de overgang voor de werknemers, en
e) de ten aanzien van de werknemers overwogen maatregelen.

Artikel 666

1. De artikelen 662 tot en met 665, en artikel 670, lid 8, zijn niet van toepassing op de overgang van een onderneming indien de werkgever in staat van faillissement is verklaard en de onderneming tot de boedel behoort alsmede, indien de werkgever een bank in de zin van artikel 1:1 van de Wet op het financieel toezicht of een verzekeraar in de zin van dat artikel is, ten aanzien van de werkgever de noodregeling, bedoeld in artikel 3.5.5 van die wet is uitgesproken, de rechtbank een machtiging als bedoeld in artikel 3:163, eerste lid, aanhef en onderdeel b heeft verleend, of indien de rechtbank een machtiging als bedoeld in artikel 3:163m, eerste lid, aanhef en onderdeel c, van die wet heeft verleend en de bewindvoerders overgaan tot liquidatie.

2. Deze afdeling is niet van toepassing met betrekking tot de bemanning van een zeeschip.

Artikel 14a (WCAO)

1. Door de overgang van een onderneming, als bedoeld in artikel 662 van het Burgerlijk Wetboek, gaan de rechten en verplichtingen welke op dat tijdstip voor de werkgever in die onderneming ten aanzien van daar werkzame werknemers voortvloeien uit bepalingen omtrent arbeidsvoorwaarden van een collectieve arbeidsovereenkomst waaraan hij gebonden is, van rechtswege over op de verkrijger van de onderneming.

2. De rechten en verplichtingen die ingevolge het eerste lid overgaan, eindigen op het tijdstip waarop de verkrijger ten aanzien van de arbeid, verricht door de in het eerste lid bedoelde werknemers, gebonden wordt aan een na de overgang van de onderneming tot stand gekomen collectieve arbeidsovereenkomst dan wel op het tijdstip waarop de verkrijger ten aanzien van die arbeid krachtens een na de overgang genomen besluit tot verbindendverklaring op grond van artikel 2 van de wet op het algemeen verbindend en het onverbindend verklaren van bepalingen van collectieve arbeidsovereenkomsten verplicht wordt bepalingen na te komen van een collectieve arbeidsovereenkomst. De rechten en verplichtingen eindigen voorts zodra de op het tijdstip van de overgang lopende geldingsduur van deze collectieve arbeidsovereenkomst verstrijkt.

3. Het eerste lid is niet van toepassing op rechten en verplichtingen van de werkgever die voortvloeien uit een bepaling in een collectieve arbeidsovereenkomst, die betrekking heeft op een pensioenvoorziening als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder a, van de Pensioen- en spaarfondsenwet, dan wel op een spaarregeling als bedoeld in artikel 3, eerste lid, van die wet.

4. Het tweede lid is van overeenkomstige toepassing op de rechten en verplichtingen welke voortvloeien uit een collectieve arbeidsovereenkomst en krachtens fusie zijn overgegaan op de verkrijgende rechtspersoon.

Artikel 2a (WAVV)

1. Door de overgang van een onderneming, als bedoeld in artikel 662 van boek 7 van het Burgerlijk Wetboek, gaan de rechten en verplichtingen welke op dat tijdstip voor de werkgever in die onderneming ten aanzien van daar werkzame werknemers voortvloeien uit bepalingen omtrent arbeidsvoorwaarden welke hij krachtens een besluit tot verbindendverklaring op grond van artikel 2 van deze wet verplicht is na te komen, van rechtswege over op de verkrijger van de onderneming.

2. De rechten en verplichtingen die ingevolge het eerste lid overgaan, eindigen op het tijdstip waarop de verkrijger ten aanzien van de arbeid, verricht door de in het eerste lid bedoelde arbeiders, gebonden wordt aan een na de overgang van de onderneming tot stand gekomen collectieve arbeidsovereenkomst dan wel op het tijdstip waarop de verkrijger ten aanzien van die arbeid krachtens een na de overgang genomen besluit tot verbindendverklaring op grond van artikel 2 van deze wet, verplicht wordt bepalingen van een collectieve arbeidsovereenkomst na te komen. De rechten en verplichtingen eindigen voorts zodra de werking der verbindendverklaring eindigt.

3. Het tweede lid is van overeenkomstige toepassing op de rechten en verplichtingen welke voortvloeien uit een collectieve arbeidsovereenkomst en krachtens fusie zijn overgegaan op de verkrijgende rechtspersoon.